5. Stedenbouwkundige inpassing

5.1 Uitgangspunten – Ruimtelijke en landschappelijke inpassing

  • Slechts een beperkt deel van het gebied wordt ingericht als beoogd duurzaam bedrijventerrein, zodat door landschappelijke inpassing en groenversterking de waarde van het gehele gebied toeneemt.
  • De locatie ligt in het zuidelijkste deel van project Panoramapark en draagt bij aan de versterking van de corridor tussen de Leidse groen-blauwe structuren en het omliggende polderlandschap.
  • De ontwikkeling richt zich uitsluitend op bedrijven zonder bedrijfswoningen.
  • Er wordt een plan gemaakt dat stedenbouwkundig en landschappelijk goed aansluit op de omgeving en waarbij de landschappelijke kwaliteiten behouden blijven.
  • Langs de noord- en zuidzijde komt een overgangszone met een buffer van 50 meter.
  • Het nieuwe profiel van de N206 wordt gerespecteerd.
  • Er komt voldoende watercompensatie en waterkwaliteit, waarbij water zo lang mogelijk in het gebied wordt vastgehouden en via bestaande watergangen vertraagd wordt afgevoerd.
  • Bedrijven worden met hun voorzijde naar de straat gericht.
  • Er wordt ingezet op een duurzaam en gezond bedrijventerrein, met stimulansen voor beperking van materiaalgebruik, hergebruik van regenwater en toepassing van zonnepanelen.
  • De bedrijfspercelen variëren in grootte: 3.000 m², 6.000 m² en 10.000 m².
  • Het karakter van de nieuwbouw sluit aan op bestaande bedrijventerreinen in de omgeving, met extra aandacht voor gevels langs de A4 en N206.

Infrastructuur

  • De hoofdontsluiting sluit aan op de bestaande rotonde.

5.2 Stedenbouwkundige hoofdopzet

In het huidige polderlandschap komt een bedrijfsveld, dat in de toekomst mogelijk naar het westen kan worden uitgebreid. Aan de randen, richting de snelweg en de N‑weg, komen grotere bedrijfspercelen, terwijl de kleinere percelen aan de binnenzijde liggen. De percelen zijn georiënteerd richting het polderlandschap en hebben hun voorgevel naar de hoofdontsluiting gericht.

Langs de randen van de volkstuinen en de Hofvlietweg komt een groene bufferzone. De bestaande watergangen worden verbreed en krijgen flauwe oevers voor waterberging en biodiversiteit. Tussen de bedrijfsvelden ontstaat ruimte om de groene structuren met elkaar te verbinden.

De watergang aan de oostzijde kan worden verbreed voor vervoer over water en gekoppeld aan het Rijn-Schiekanaal. Hiervoor kan een kade op de percelen of een openbare kade worden ingericht. Dit sluit aan bij de ambities voor Zero Emissie Stadslogistiek.

De hoofdontsluiting voor autoverkeer sluit aan op de bestaande rotonde. Parkeren en laden/lossen gebeurt op eigen terrein, wat de kwaliteit van de openbare ruimte verbetert.

5.3 Concrete invulling duurzaamheidsambities

  • Er wordt ruimte gereserveerd voor een collectief laadplein voor elektrische vrachtwagens (Zero Emissie Stadslogistiek).
  • De grootte van percelen en interne milieuzonering wordt afgestemd op de groeiende behoefte aan circulaire bedrijvigheid.
  • De groene en waterrijke omzoming van het terrein versterkt de biodiversiteit passend bij het polderlandschap.

Gerelateerde berichten aan ‘Ruimte voor Werk’

Ruimte voor werk is een ‘levend’ document. Gerelateerde berichten, nieuws of voortgang zijn hieronder te vinden.

Geen resultaten gevonden.